Inleiding buikwandcorrectie
Een
minder ernstige vorm van verslapping van de huid, zoals bijvoorbeeld
een wat uitpuilende onderbuik of een gerimpelde huid rond
of onder de navel kan een aanleiding zijn om een buikwandcorrectie
in overweging te nemen.
Het verslappen van de buik is afhankelijk van een aantal factoren
zoals erfelijkheid, levenswijze, leeftijd, lichaamsbouw, lichaamsgewicht
en eventueel doorgemaakte zwangerschappen. Een vet- en/of
veloverschot zal vaak aanleiding geven tot allerlei klachten.
Het vinden van passende kleding is vaak een groot probleem.
Ook smetten in de liesplooien zijn een veelvoorkomende klacht.
Indicaties
Of
men in aanmerking komt voor een buikwandplastiek
hangt af van de klachten en zal in overleg
met de chirurg worden bepaald. Een buikwandcorrectie
is de ideale manier om weer een strakkere buik te krijgen,
maar deze behandeling is zeker geen alternatief voor een dieet.
Wanneer er sprake is van een duidelijk overgewicht wordt er
meestal afgezien van een behandeling en wordt de patiënt
geadviseerd eerst af te vallen. Wanneer het streefgewicht
is bereikt, kan men alsnog beslissen een buikwandplastiek
te ondergaan, met meer kans op een mooi resultaat en minder
kans op complicaties.
De buikwandcorrectie techniek
De
behandeling houdt het wegnemen van overtollige huid in waarbij
de buikhuid eerst wordt losgemaakt, waarna de huid naar beneden
toe strak wordt getrokken. Deze behandeling wordt vaak gecombineerd
met een liposuctie van het onderhuidse vetweefsel.
Soms is het ook nodig om de uitgerekte buikspieren te reven
en daarmee de stevigheid van de buikwand te herstellen. De
chirurg zal steeds trachten de littekens zo te laten lopen
dat ze bedekt zijn door de onderkleding. Bij een buikwandplastiek
wordt er alleen een horizontaal litteken gemaakt laag op de
onderbuik of in sommige gevallen vlak onder de borsten.
De
behandeling
Het
verloop van de buikwandcorrectie behandeling:
De patiënt dient voor de behandeling op streefgewicht
te zijn en dient minstens drie weken voor de ingreep te stoppen
met roken. Vóór de behandeling zal de chirurg
d.m.v. een tekening de te verwijderen buikhuid markeren. Nadat
de patiënt vervolgens is gedesinfecteerd, wordt er gestart
met de behandeling. Langs verschillende ultradunne naaldjes
wordt op homogene wijze een combinatie van verdovingsvloeistof
en zoutoplossing, op lichaamstemperatuur geïnfiltreerd.
Na een korte inwerktijd zal de chirurg een incisie aanbrengen,
deze reikt vanaf de ribbenboog onderhuids tot aan de liezen.
De buikhuid wordt vervolgens losgemaakt, het teveel aan huid-
en onderhuidweefsel wordt weggenomen, de navel verplaatst
en weer teruggehecht op de natuurlijke hoogte.
 |
 |
Behandelingstechniek van een buikwandcorrectie |
Duur van de behandeling:
De ingreep duurt doorgaans 2 tot 4 uur. Omdat het
gaat om een grote wond worden na de behandeling aan beide
kanten drains aangebracht, waarmee het wondvocht wordt afgezogen.
Na een aantal dagen worden de drains verwijderd.
Mogelijke bijwerkingen van een buikwandcorrectie
Aangezien
de huid met zijn bloedvaten tot aan de bovenbuik wordt losgemaakt,
ontstaat er een groot onderhuids wondoppervlak. Dit kan aanleiding
geven tot een aantal complicaties, zoals o.a.:
| |
1.
|
Een
onderhuidse nabloeding |
| |
2. |
Een
infectie van de wond : de wond is rood, verliest vocht
en is vaak pijnlijk |
| |
3.
|
Een
ophoping van wondvocht (een seroom) |
| |
4. |
Een
necrose (afsterven van vetweefsel) doordat het vetweefsel
niet langer van onderuit maar via de huid van bloed wordt
voorzien |
| |
5.
|
Verstoorde
wondgenezing, vooral bij rokers en veel overgewicht |
Na de behandeling
Tot
vier weken na de operatie moet men dag en nacht een compressiebroek
dragen die reikt tot boven de navel. Deze broek wordt voor
onze patiënten door ons besteld en thuis geleverd. De
eerste twee weken na uw thuiskomst bent u slechts in staat
tot beperkte lichamelijke werkzaamheden.
Het
resultaat
Een
buikwandcorrectie
is een volwaardige ingreep die goede en blijvende resultaten
oplevert. Het resultaat van de behandeling is doorgaans vlak
na de behandeling reeds zichtbaar, hoewel er de eerste weken
vaak nog sprake is van een aanzienlijke zwelling. De littekens
zijn na de behandeling nog dik en roodgekleurd maar worden
gedurende het genezingsproces steeds fijner en minder opvallend.
|